Deze website maakt gebruik van functionele en statistieken cookies die noodzakelijk zijn om deze site zo goed mogelijk te laten functioneren. Daarnaast worden cookies gebruikt om de koppeling met social media te kunnen maken. Door gebruik te blijven maken van deze website of door hiernaast op akkoord te klikken ga je akkoord met het gebruik van deze cookies.
Akkoord
Home > Archief > Ik heb een lange weg te gaan Wat is poly-artrose? Poly-artrose is artrose in meerdere gewrichten. Het is een reumatische ziekte. Het kraakbeen gaat in kwaliteit en hoeveelheid achteruit. Het kan op de
Archief

Archief: Ik heb een lange weg te gaan Wat is poly-artrose? Poly-artrose is artrose in meerdere gewrichten. Het is een reumatische ziekte. Het kraakbeen gaat in kwaliteit en hoeveelheid achteruit. Het kan op de

Sandra (36) kampt met gezondheidsproblemen na een bedrijfsongeval. Na diverse onderzoeken constateert haar arts poly-artrose. Het gewrichtskraakbeen tussen haar botten en wervels lost in een snel tempo op. Sandra zal niet meer beter worden. Tekst: Vivianne van Bijsterveld - Fotografie: Perla Michiels-Dominguez

Als tienjarig kind heb ik een peesomlegging in mijn knie gehad. Tijdens het basketballen schoot mijn knieschijf geregeld uit de kom. Een operatie was nodig om mijn knie stabiel te houden. Tijdens die operatie werd de peesplaat van onderin mijn scheenbeen verplaatst naar mijn knie.
In 2006, op mijn dertigste, heb ik een halve knieprothese gekregen. Dat was nodig omdat mijn knie veel te lijden had en deels was versleten. Toch heb ik me altijd prima uit de voeten kunnen maken met mijn 'handicap'. Ik kon springen, rennen en sporten. Niets weerhield me ervan om een sportief en werkzaam leven te leiden. Daar kwam tijdens een akelig bedrijfsongeval een einde aan.


Ik had een leuke baan als teamleider receptie en beveiliging van een zorginstelling. In juni 2009 werd er verbouwd in het kantoor. Ik maakte een praatje met een collega. Nadat we uitgepraat waren, wilde ik mijn kantoor binnengaan, maar mijn been zat letterlijk vastgeplakt aan de vloer, aan een lijmachtige substantie. Een stekende pijn schoot door mijn rechteronderbeen en toen ben ik gevallen. Mijn hoofd raakte het deurkozijn en ik ben even buiten bewustzijn geweest. Nadat ik bijkwam, stonden er een paar ongeruste collega's om me heen. Ik had enorme pijn in mijn been, hoofd, rug en heup en ik voelde me erg misselijk. Mijn collega's brachten me naar de spoedeisende hulp in het ziekenhuis. Er werden wat foto's van mijn been gemaakt, maar daar was niets afwijkends op te zien.
De volgende dag ging het een stuk beter met me. Ik mocht op krukken naar huis, nadat om mijn been een brace van mijn lies tot aan mijn enkel was geplaatst. De spieren in mijn been hadden een enorme dreun gehad. Ik kreeg een lading pijnstillers mee en moest beloven om zes weken rust te nemen. Dat viel nog niet mee. Even niks doen is leuk, maar het stilzitten begon me al snel te vervelen. Ik was blij toen de zes weken om waren, zodat ik weer aan het werk kon. Dat ging best goed, al was ik snel moe en bleef ik last houden van mijn been, heup en rug.


Tijdens de eerste controle in het ziekenhuis vertelde ik over de aanhoudende pijn. Dat was toch niet helemaal normaal, vond mijn arts. Hij stuurde me door naar een orthopeed. Die liet foto's maken, maar ook daarop was niks bijzonders te zien. Hij wilde toen een kijkoperatie doen. Tijdens de ingreep werd een microfractuur gevonden in mijn knieschijf. De dokter besloot om kleine gaatjes in mijn bot te boren. Dat zou mijn knie moeten stimuleren om nieuw bot aan te maken. Tijdens de operatie had mijn dokter echter ook gezien dat mijn knieprothese los was komen te zitten. Hij raadde me aan om nogmaals zes weken rust te nemen. Misschien dat na de aanmaak van nieuw bot, de knie zichzelf zou herstellen.


Vol goede moed ging ik na die zes weken naar de controle. Het eind was immers in zicht!
De arts constateerde echter dat mijn knie vreemd genoeg geen nieuw botweefsel had aangemaakt. Niets, nada... Hij stuurde me door voor een second opinion naar een collega. Die arts wilde me opereren en een nieuwe totale knieprothese plaatsen. Hij zag geen ander alternatief. Als fysiotherapie, medicijnen, een brace of injecties niet meer afdoende zijn, is een operatie nog de enige oplossing, vond hij. De pijn zou na de operatie verminderd of zelfs verdwenen zijn, beloofde de dokter. Op 18 februari 2010 zou de prothese geplaatst worden.


Een week voor de operatie werd me verteld dat de betreffende arts ziek was geworden. Hij zou zeker een jaar uit de roulatie zijn. Dat was even slikken. Ik had inmiddels veel pijn. Een stukje wandelen lukte me al niet meer. Bovendien had ik me helemaal ingesteld op de operatie. Ik voelde me in de steek gelaten en was vreselijk verdrietig. Omdat de operatie door mijn behandelend arts verviel, moest ik opnieuw het medische traject in. Er was niemand die mijn dossier over kon nemen.
Na wat omzwervingen kwam ik uiteindelijk weer terecht bij de orthopeed die de kijkoperatie had gedaan. Hij beloofde me te helpen. Hij zag geen ander alternatief dan inderdaad voor die totale knieprothese te gaan.
In april 2010 werd ik alsnog geopereerd en kreeg ik mijn complete knieprothese. De operatie verliep goed. Toch vond de arts het nog steeds raar dat mijn bot in zo'n slechte conditie verkeerde. Het kraakbeen was behoorlijk weggesleten. Vreemd, zei hij, zeker gezien mijn jonge leeftijd. Ik had gewoon pech, dacht ik. Misschien had het te maken met alles wat ik in mijn jeugd had meegemaakt. Zo'n operatie op jonge leeftijd is immers ook belastend. Ik stond er verder niet bij stil en richtte me op het revalideren.


Mijn flinterdunne knieschijf werd tijdens de operatie aan de knieprothese bevestigd. De bedoeling was dat de knieschijf goed zou werken. Helaas was dat niet het geval en schoot mijn knieschijf geregeld uit de kom. Een nieuwe knieprothese leek nodig. Een grote teleurstelling. Weer moest ik opgenomen worden in het ziekenhuis. Weer moest ik verplicht rust gaan nemen. Verschrikkelijk. Ik wilde de draad van mijn leven weer oppakken. Was dit gedoe nog niet voorbij?


In januari 2011, bijna een jaar later, werd de tweede complete knieprothese geplaatst. Na de operatie zou het met het revalideren steeds beter met me moeten gaan, maar ik bleef pijn houden. Heel frustrerend, want ik werkte keihard aan mijn herstel. Ook ging ik steeds schever lopen. Dat viel mijn arts ook op. Zelf dacht ik aan overbelasting. Ik had in negen maanden tijd immers twee zware operaties gehad. Dat gaat je niet in de koude kleren zitten. De dokter had een andere visie. Hij vertrouwde het niet en stuurde me door naar een neuroloog. Die zou onderzoeken of er ergens een of meerdere zenuwen bekneld zaten. Dat zou de pijn verklaren. Opnieuw ging ik door de medische molen. Tijdens een zogeheten naalddetectie-onderzoek werden verschillende spiergroepen nagekeken. De onderzochte beenspier correspondeert immers met een bepaalde zenuwwortel of met een bepaalde zenuw. Uit het onderzoek kwam naar voren dat er niets met een zenuw van de knie aan de hand was, maar dat de pijn vanuit de rug kwam. Verder onderzoek was nodig. Ik kreeg een MRI-scan. Naar aanleiding daarvan kreeg ik te horen dat de wervels in mijn rug waren verzakt. De kraakbeenstukjes, de schokdempers van de ruggengraat, waren compleet verdwenen. Ik schrok enorm! Het verklaarde wel de pijn in mijn rug.


De diagnose poly-artrose werd gesteld. Ik had slijtage in meerdere gewrichten... Nadat ik van de ergste schok was bijgekomen, vielen er heel wat puzzelstukjes op hun plaats. Ik denk dat deze ziekte altijd al in mijn systeem heeft gezeten. Dat is waarschijnlijk ook de reden waarom mijn kniebot als kind al zo versleten was. Volgens mijn artsen hebben mijn bedrijfsongeval en vervolgens de twee operaties de ziekte getriggerd. De poly-artrose is als een lopend vuurtje door mijn lichaam gegaan. Ik zal moeten leren leven met het chronische en progressieve karakter van deze ziekte. Mijn kraakbeen zal vroeg of laat helemaal verdwijnen. Kraakbeen hoort de gewrichten bij het bewegen te beschermen. Zo gaan de botten niet tegen elkaar schuren, maar bewegen ze soepel. Ik zal met pijn moeten leren leven. En op een dag zal ik in een rolstoel komen te zitten. De vraag is alleen wanneer. Het kan een kwestie van maanden of van jaren zijn. Voorzichtig ben ik me aan het voorbereiden daarop. Ik heb inmiddels al een gehandicaptenparkeerplaats voor de deur. De stukjes die ik kan lopen en autorijden zijn minimaal. Maar zolang ik het nog kan, wil ik mobiel blijven.


Momenteel gebruik ik morfinepleisters en slik ik acht paracetamols per dag om de pijn de baas te blijven. Ik gebruik antibiotica om ontstekingen tegen te gaan en ben begonnen met revalideren. Ook krijg ik steun in de vorm van gesprekken. Mijn hele leven is immers 180 graden gedraaid en dat moet ik nog leren accepteren.
Ik krijg veel steun. Mijn man werkt fulltime, maar neemt een groot deel van het huishouden voor zijn rekening. Hij vindt het moeilijk om te zien dat ik soms veel pijn heb. Af en toe moet hij het ontgelden, als ik boos word. Er is me veel ontnomen. Gelukkig is hij er voor me. Net als mijn ouders. Want ook zij hadden het moeilijk met mijn diagnose. Ik ben hun enige kind. Zij weten hoe verdrietig ik om mijn ziekte ben en lijden daar ook onder. Ik word nooit meer beter en dat is moeilijk te bevatten. Voor ons allemaal.
Ik ben mijn vader, moeder en man dankbaar voor al hun hulp en hun liefde en steun. Al blijft het moeilijk om alles uit handen te geven. Van nature ben ik een echte controlfreak. Ik heb graag alles in de hand. Maar nu moet ik leren accepteren dat ik dat niet meer kan.
Ik ben een ander mens geworden, in meerdere opzichten. Al blijf ik positief. Mijn ziekte zorgt indirect ook voor nieuwe contacten. Tijdens een korte vakantie bijvoorbeeld, toen merkten wat meiden van mijn leeftijd de littekens op mijn been op. Terloops vroegen zij ernaar. Ik raakte met hen in gesprek en er is zelfs een vriendschap uit ontstaan. Toch een positieve bijkomstigheid van mijn ziekte.


Mijn toekomst probeer ik positief tegemoet te zien. Dat is niet makkelijk. Er zijn dagen waarop ik heel verdrietig ben. Dan zie ik het even niet meer zitten. Ik kan zo weinig en het voelt zo oneerlijk. Ik mis het sporten. En ik mis mijn werk. Ik mis de omgang met mijn collega's en het hebben van een doel in het leven. Daarom heb ik ervoor gekozen om tijdens mijn revalidatie een studie coaching te doen. Ik kon deze studie doen zonder naar school te hoeven. Had e-mailcontact met mijn docenten en kon mijn scripties aanleveren via internet. Voordat ik daadwerkelijk mensen kan gaan helpen met wat ik geleerd heb, heb ik zelf nog een weg te gaan. Op dit moment vreet mijn ziekte energie en moet ik nog door een acceptatieproces.
Toch zou ik heel graag in de toekomst met mensen praten die ziek zijn en het niet meer zien zitten. Als ervaringsdeskundige kan ik me denk ik nog beter inleven. Ik hoop als vrijwilliger ingezet te kunnen worden voor bijvoorbeeld een organisatie als Humanitas.


Mijn kraakbeen lost in heel snel tempo op. Poly-artrose is niet te genezen, maar behandeling ervan is wel zinvol. Pijn en ontstekingen kunnen worden behandeld met medicijnen. Met oefentherapie kan de stijfheid bestreden worden. Bovendien houd ik zo de spieren sterk en soepel. Gewrichten kunnen in sommige gevallen operatief vervangen worden door kunstgewrichten.
De toekomst wijst uit wat voor mij geschikt is. Elke ochtend maak ik me netjes op en doe ik leuke kleding aan. Ik wil mezelf niet laten verslonzen. Wat me op de been houdt, zijn mijn studie en het dromen van reizen. Zodra ik me weer beter voel en ik weer in staat ben om op pad te gaan, dan wil ik naar een mooi en warm land. Voor nu geniet ik van kleine dingen. Heel cliche, maar ik geniet van het zonnetje dat schijnt en de mooie natuur om me heen. Van het fijne contact met mijn familie en vrienden en van de liefde van mijn man. Het zal soms doorbijten zijn, maar ik ga ervoor. Het leven is mooi. L


 
 Terug naar overzicht